Op woensdag 30 en donderdag 31 mei zakte een delegatie van Wind aan de Stroom, samen met een afvaardiging van partnerbedrijf Vleemo, af naar Aurich en omstreken in Duitsland. Daar bezochten ze enkele fabrieken van turbineleverancier Enercon.

Wind aan de Stroom en Vleemo exploiteren momenteel samen vijftig windturbines op de Linker- en Rechterscheldeoever van de Haven van Antwerpen. Het merendeel van deze turbines zijn van fabrikant Enercon. Tijdens de bouwfase komen de verschillende onderdelen apart aan en worden ze ter plaatse zorgvuldig met elkaar verbonden. Maar hoe worden deze onderdelen gemaakt? Om hierop een antwoord te krijgen, trok een delegatie van beide bedrijven naar het noorden van Duitsland, waar verschillende fabrieken van Enercon zijn gevestigd.

De eerste stop was in het Energie-, Bildungs- und Erlebniszentrum (EEZ) of het bezoekerscentrum met enkele interactieve opstellingen over windenergie en waar onder meer een volledige gondel stond opgesteld ter inkijk. In dit gebouw gaf Enercon een presentatie over de huidige stand van zaken en de toekomstige ontwikkelingen van het bedrijf.

Zeg windmolens en je denkt meteen aan Nederland. Maar qua moderne windenergie, gewonnen op land, doet Vlaanderen het beter dan onze noorderburen. Dat blijkt uit recente cijfers. "Er staan nu 503 windturbines in Vlaanderen, goed voor een vermogen van 1.136 Megawatt", zegt Vlaams energieminister Bart Tommelein (Open Vld). Uit een overzicht per gemeente blijkt dat Wind aan de Stroom hierin een belangrijk aandeel heeft.

"We steken Nederland voorbij wat het geïnstalleerd vermogen per vierkante kilometer betreft: met 83 kilowatt/km2 staan we op de derde plaats, na Duitsland (140 kW/km2) en Denemarken (99). Voor zonnepanelen blijven we op twee, na Malta en vóór Duitsland. Er zijn nog heel wat inspanningen nodig voor de energieomslag, maar we mogen gerust wat trotser zijn op wat we al bereikt hebben."

Het vermogen aan windenergie in de Antwerpse haven groeit gestaag. Op donderdag 26 april werden vier nieuwe windturbines van Wind aan de Stroom operationeel. Dit werd feestelijk gevierd in aanwezigheid van Marc Van de Vijver, burgemeester van Beveren, Joke Schauvliege, Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, en Bart Tommelein, Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams Minister van Begroting, Financiën en Energie.

Op 26 april 2018 vond de plechtige inhuldiging van de turbines plaats. Zowel minister Joke Schauvliege als minister Bart Tommelein kwamen er, net als de burgemeester van Beveren, Marc Van de Vijver, het belang van de verdere ontwikkeling van windenergie in het havengebied toelichten. Het potentieel voor onshore windenergie in de diverse Vlaamse havengebieden is nog zeer groot. De plannen voor verdere uitbreidingen van windturbineparken op zowel de linker- als rechteroever in de haven van Antwerpen worden momenteel in sneltempo gefinaliseerd. Dit zal leiden tot bouw en indienstname van nieuwe turbines in de periode 2020-2022.

Vlaanderen heeft haar subdoelstellingen voor zonne- en windenergie in 2017 overschreden. Zo realiseerde Vlaanderen vorig jaar 204 MW aan windenergie en (volgens voorlopige cijfers) 177 MW aan zonne-energie, terwijl voor beiden 150 MW was vooropgesteld. Dat heeft Vlaams minister van Energie Bart Tommelein (Open Vld) woensdag in het Vlaams Parlement geantwoord op een vraag van N-VA-parlementslid Andries Gryffroy. 

Met die cijfers in de hand kan Tommelein zijn criticasters de mond snoeren. "Er zijn er die pessimistisch waren en die mij te optimistisch noemden. Maar alle negativisme en defaitisme ten spijt hebben we in 2017 de subdoelstellingen overschreden", aldus Tommelein.

Op de terreinen van papierfabriek Stora Enso in de Gentse haven is gisteren gestart met de bouw van drie windturbines. Die moeten het productieproces nog groener maken. Kostprijs van de molens: 15 miljoen euro. Ook Wind aan de Stroom bouwt dit jaar een turbine op een terrein van Stora Enso (Lumipaper) in de Waaslandhaven.

Het was Vlaams minister van Omgeving Joke Schauvliege (CD&V) die als eerste een spade in de grond stak voor de bouw van drie windturbines. Stora Enso ligt haar na aan het hart: “Niet alleen omdat ik in de buurt opgroeide, maar ook omdat mijn grootvader één van de eerste werknemers was die hier in 1932 aan de slag ging.”